Geef experiment kans

Woensdag 25 January > 09:56

In het nieuwe jaar is het experiment vrije prijzen mondzorg van start gegaan. Het experiment beoogt het vrijemarktprincipe in de tandheel-kunde toe te passen. Alle in Nederland werkende tandartsen moeten nu zelf hun tarieven vaststellen. De introductie van de marktwerking heeft tot gevolg dat een patiënt voor eenzelfde behandeling bij verschillende tandartsen een andere prijs kan betalen.

Een van de uitgangspunten van het experiment is dat de tarieven die de tandarts in rekening brengt beter worden onderbouwd. Dat is een goed streven omdat, anders dan bij vele dokters-rekeningen, de tandartsrekening niet alleen uit het inkomen van de zorgverlener bestaat maar ook de relatief hoge praktijkkosten en de kosten van uitbestede tandtechnische werkzaamheden omvat.

Een tandarts in Noordoost-Groningen heeft, in het algemeen, lagere praktijkkosten dan een tandarts die is gevestigd op de Amsterdamse Zuidas. Het tot 1 januari gehanteerde landelijke 'Uniforme Particulier Tarief' leidde door de per praktijk verschillende kosten tot inkomensverschillen onder tandartsen. Het bovengenoemde experiment doet hier wat aan.

Voor het eerst in zijn/haar carrière heeft de tandarts nu zelf de tarieven moeten vaststellen, waarbij de uitgangspunten zijn gebaseerd op de eigen praktijkkosten en het norminkomen van een tandarts. De invoering van marktwerking leidt dus tot prijsverschillen, waardoor concurrentie kan ontstaan. Een verandering waaraan iedereen nog moet wennen.

De onderlinge prijsverschillen tussen tandartsen zijn pas per 1 januari bekend geworden. Als marktwerking echt gaat werken, zullen de prijzen in de komende maanden opnieuw onder de loep worden genomen en in beweging gaan komen. Deze door de overheid gewenste prijsverschillen hebben tot een voorspelbaar probleem geleid. De kosten voor de jeugdmondzorg worden immers voor 100 procent vergoed vanuit de basisverzekering. Eind vorig jaar heeft minister Schippers de Kamer verzekerd dat dit zo zal blijven.

De zorgverzekeraar krijgt nu te maken met prijsverschillen. Het idee is dat de zorgverzekeraar contracten met zorgverleners sluit en daarbij met de tandarts onderhandelt om op basis van kwaliteitscriteria van de te leveren zorg een overeenkomst opstelt. Idealiter zou volgens het experiment de uitkomst hiervan zijn dat dit leidt tot 255 duizend verschillende prijslijstjes. Immers, er zijn meer dan 30 verzekeringslabels en ongeveer 8.500 tandartsen.

De zorgverzekeraars kunnen niet alleen dit aantal onderhandelingen niet aan, maar ook kan hun ict-infrastructuur dit vaak nog niet aan. Het gevolg is dat zij noodzakelijkerwijze maximumvergoedingen hebben vastgesteld waarover de tandarts niet kan onderhandelen en wat niet spoort met de principes van marktwerking. Dit probleem leidt ertoe dat vele tandartsen (nog) geen contract met de zorgverzekeraar hebben afgesloten, wat er vervolgens toe kan leiden dat ouders van patiënten worden geconfronteerd met bijbetalingen ten gevolge van niet- 100-procent-restitutie. Terwijl zij daar wettelijk wel aanspraak op kunnen maken.

Door de extreem korte invoeringsperiode was het van tevoren duidelijk dat dit probleem zich zou gaan voordoen. Het is op zijn minst onredelijk wanneer de minister nu ten onrechte stelt dat het aan de tandartsen ligt dat deze 'bijbetalings'-problemen zijn ontstaan en dat er zo 'snel een einde aan het experiment zal komen'. De tandartsen handelen bij de jeugdmondzorg volgens de uitgangspunten van het door haar ingevoerde stelsel! Het is nog veel te vroeg om al definitieve conclusies te trekken. Mijn advies is: geef het experiment vrije prijzen mondzorg een kans.

Bron: Volkskrant


Naar overzicht